Tom
Tom is de hoofdpersoon van het boek en ook degene vanuit wiens perspectief het wordt verteld. Hij zit op een Christelijke jongensschool en gaat drie keer op reis, één keer met die school en twee keer met een verzekeringsorganisatie. Omdat hij de ik-persoon is kom je veel over hem te weten, maar door de manier waarop het boek geschreven is, lees je vooral over zijn onbeantwoord liefde voor Z. Het boek focust op die liefde en je komt dus qua personage niet veel anders te weten over Tom dan de dingen die te maken hebben met die liefde, zoals dat hij best wel een beetje obsessief kan zijn en dat hij houdt van masturberen.
Z.
Z. is de liefdesinteresse van de hoofdpersoon, en daarom zie je hem door een nogal roze lens. Je weet niet of het beeld dat je van Z. hebt (vriendelijk, gespierd, slim, eigenlijk perfect), een accurate presentatie is van Z.
Z. is de liefdesinteresse van de hoofdpersoon, en daarom zie je hem door een nogal roze lens. Je weet niet of het beeld dat je van Z. hebt (vriendelijk, gespierd, slim, eigenlijk perfect), een accurate presentatie is van Z.
Zus
Er wordt voor haar geen naam genoemd, je leert haar alleen kennen als de zus van Tom. Zij is voor hem een echte oudere zus, hij kijkt tegen haar op en kijkt met blijdschap terug op de tijd die ze samen doorgebracht hebben, zoals wanneer ze hem meenam naar school op haar step.
Er wordt voor haar geen naam genoemd, je leert haar alleen kennen als de zus van Tom. Zij is voor hem een echte oudere zus, hij kijkt tegen haar op en kijkt met blijdschap terug op de tijd die ze samen doorgebracht hebben, zoals wanneer ze hem meenam naar school op haar step.
Moeder
Voor de moeder van Tom wordt ook geen naam gegeven. Wat je van haar hoort is zij een goede moeder voor Tom, wie hij mag helpen met koken en van wie hij erg houdt.
Wieske
Wieske was een vriend van de familie die wees werd en vlakbij kwam wonen. Voor Tom was ze zo goed als een zus, met wie hij altijd naar de bioscoop ging.
Pit Germaine
Germaine was de oudere zus van moeder, wie de ‘moeder’ werd van de familie toen hun ouders overleden (Tom’s grootouders). Zij is een echte roddeltante, die altijd verhalen aan het vertellen is.
De Mof
De Mof is een leraar van Tom op het Kot, de school waar hij heen gaat. De Mof is een strenge leraar, die er eigenlijk nogal uitziet als een NSB’er (daar komt ook de bijnaam vandaan). Hij vindt het leuk om leerlingen aan het huilen te maken.
De Mof is een leraar van Tom op het Kot, de school waar hij heen gaat. De Mof is een strenge leraar, die er eigenlijk nogal uitziet als een NSB’er (daar komt ook de bijnaam vandaan). Hij vindt het leuk om leerlingen aan het huilen te maken.
De Jap
De Jap is een leraar die er nogal Japan’s uitziet, vandaar de bijnaam. Hij is een kettingroker, wat ook te zien is aan de staat van zijn auto. Hij is ook een strenge leraar.
Mussolini
Mussolini is een Nederlands leraar, die door Tom zeer bewondert wordt. Dit was de enige leraar die hij echt aardig vond en die heeft hem geïntroduceerd in de wereld van lezen en schrijven.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten